
Toen Dorota Rojek in Rotterdam op straat belandde, wist ze niet meer waar ze heen moest. Via de politie, een behulpzaam echtpaar en de samenwerking tussen de Nico Adriaans Stichting (NAS) en Barka kreeg ze weer rust, veiligheid en perspectief. Inmiddels woont ze weer in Polen, waar ze verder werkt aan een stabiel leven.
Dorota werd geboren in Walbrzych, in Polen. Ze kijkt met warmte terug op haar jeugd. “Ik had een fijne jeugd. We hadden een goed leven en kwamen niets tekort.” Muziek speelde daarin een belangrijke rol: ze zat op een basisschool met een muziekprofiel en speelde piano. Ook haar oudere zus was muzikaal en speelde accordeon. “Mijn zus heeft mij veel geholpen in mijn leven, ook met de kinderen.”
Thuis was er stabiliteit. Haar vader werkte als leidinggevende in de mijn, haar moeder zorgde voor het gezin. Dorota deed het goed op school, had veel vrienden en volgde later een opleiding in boekhouding en economie. Naast school had ze volop hobby’s: hardlopen, handbal, naaien, breien en kleding maken. Die creativiteit zou haar later opnieuw houvast geven.
EEN LEVEN DAT LANGZAAM ZWAARDER WERD
Op haar negentiende trouwde Dorota. De eerste vijftien jaar van haar huwelijk waren goed, vertelt ze. Daarna veranderde veel. Haar man raakte verslaafd aan alcohol en het gezin kreeg steeds grotere problemen, ook financieel. Tegelijkertijd kreeg Dorota op haar 24e, tijdens haar eerste zwangerschap, te maken met ernstige reumatoïde artritis. De ziekte vorderde snel en maakte dagelijkse handelingen steeds moeilijker.
“Mijn lichaam zwelt op en ik leef met enorme pijn,” zegt ze. “Zelfs mijn haar kammen en koken is moeilijk voor mij.” Jarenlang probeerde Dorota haar huwelijk te redden, maar uiteindelijk besloot ze te scheiden en naar Nederland te gaan om te werken.

Foto: De tent in het bos waar Dorota zeven maanden heeft gewoond (privé foto)
OP STRAAT IN ROTTERDAM
De eerste twee jaar in Nederland gingen goed. Dorota werkte in de schoonmaak. Maar toen haar gezondheid verslechterde, lukte het niet meer om werk te vinden. Uiteindelijk verloor ze haar baan én haar woning. Ze woonde zeven maanden in een tent in het bos en later tijdelijk bij iemand die haar hielp. Toen ook die persoon zijn baan verloor, kwam Dorota opnieuw op straat terecht.
Het moment dat haar het meest is bijgebleven, speelde zich af in een park. “Het was winter en het sneeuwde. Ik zat in het park en begon te huilen, omdat ik niet wist wat ik moest doen.” Dorota sprak een voorbijlopende vrouw aan en vroeg waar het dichtstbijzijnde politiebureau was. De vrouw, afkomstig uit Oekraïne, bracht haar samen met haar man naar de politie.
Daar kreeg Dorota het adres van de EU-opvang van de NAS. Het echtpaar regelde en betaalde een taxi voor haar. “Ik wist niet eens hoe ik daar moest komen, maar zij hebben mij heel erg geholpen. Vanaf dat moment werd het langzaam beter.”
“Als je hulp nodig hebt, zoek die dan. Het is niets om je voor te schamen.” – Dorota
RUST, VEILIGHEID EN MENSEN DIE LUISTEREN
Bij de NAS kreeg Dorota direct hulp. Haar eerste indruk was positief: ze voelde dat er naar haar werd omgekeken. Ze kreeg een warme en veilige plek om te slapen, eten, kleding en ondersteuning bij dagelijkse zaken. Ook werd ze geholpen bij medische zorg en kon ze terecht bij een arts wanneer dat nodig was.
Minstens zo belangrijk was de mentale steun. “De medewerkers luisterden naar mij en gaven mij het gevoel dat ik er niet alleen voor stond.” Dorota bleef ook breien, een hobby die haar rust en afleiding gaf. In de opvang ontmoette ze iemand die, net als zij, moeilijk liep. “We hadden ongeveer hetzelfde tempo. Daarna zaten we elke dag naast elkaar en waren we er voor elkaar.”
Voor Dorota betekende de NAS veel meer dan opvang alleen. “De NAS betekent heel veel voor mij: een nieuw leven. Ik ben erg dankbaar voor jullie enorme hulp. Het is een wonder dat ik destijds die hulp heb mogen ontvangen.”
EEN TOEKOMST MET PERSPECTIEF
Na ongeveer tien weken bij de EU-opvang keerde Dorota op een goede manier terug naar Polen. In samenwerking met Barka en andere organisaties werd gezorgd voor vervolgbegeleiding. Dorota kreeg hulp bij het vinden, huren en tijdelijk financieren van een studio, totdat haar vaste uitkering geregeld is.
Ze werkt nu niet, vanwege haar gezondheid, maar kijkt wél positief vooruit. “Ik heb een nieuwe start gekregen.” Haar droom is klein en concreet: een naaimachine kopen, weer beginnen met naaien en misschien op die manier iets verdienen. Over vijf jaar hoopt ze vooral op rust en stabiliteit. “Een dak boven mijn hoofd is voor mij erg belangrijk.”
Wat Dorota heeft geleerd van alles wat ze heeft meegemaakt? “Dat er nog goede mensen bestaan.” En tegen iemand die nu in een vergelijkbare situatie zit, wil ze zeggen: “Als je hulp nodig hebt, zoek die dan. Het is niets om je voor te schamen.”


